Korte geschiedenis van het Nederlandse feminisme

De geschiedenis van het Nederlandse feminisme, hoeveel weten we daar eigenlijk over? Van Mary Wollstonecraft tot Chimamanda Ngozi Adichie: met de wereldwijde, doch voornamelijk Amerikaanse geschiedenis van feminisme zijn we steeds meer bekend. We vangen flarden op van Bell Hooks, zien hier een citaat van Audre Lorde. Maar hoe ging het er hier in Nederland aan toe? En hoe kunnen we voorbij de namedropping de grotere historisch context begrijpen?

Voor deze Women’s History Month gaan we even terug naar de basics: hoe is (Nederlands) feminisme, zoals we dat nu kennen, tot stand gekomen? Wat zijn de verschillende golven en welke pioniers hoorden erbij? Vrouwengereedschap neemt je mee doorheen de geschiedenis van het Nederlandse feminisme, in het kader van een wereldwijde beweging.

Feminisme: een veelheid aan golven

Voor wie nu denkt: ho, wacht, golven? Nou, historische golven! Feminisme wordt doorgaans opgedeeld in verschillende golven. Drie of vier – daar zijn we het niet over eens. Dit zijn opeenvolgende periodes waarin de vrouwenbeweging aandacht kreeg en verschillende belangrijke veranderingen hebben plaatsgevonden. Elke golf had haar eigen doel en ideeën.

Nu is de vraag of die golven wel zo handig zijn om feminisme te beschrijven. We krijgen dan namelijk het idee dat het verschillende opkomsten zijn van één beweging met één algemene ideologie. Dit terwijl feminisme bestaat uit oneindig veel verschillende facetten en manieren van aanpak. Daarnaast kan het elke golf tot een stereotype reduceren en ze van elkaar scheiden.

Toch is het voor nu handig om, bij gebrek aan beter, het over golven te hebben. We kunnen dan de verschillende periodes in de geschiedenis identificeren en makkelijker uitleggen hoe alle gebeurtenissen en ideeën samenhangen.

Hoe zat het dan voor die officiële golven?

Feminisme vindt haar oorsprong in de waarden van de Verlichting en de Franse Revolutie in de achttiende eeuw. Die waarden zijn vrijheid, gelijkheid en broederschap – in dit geval dan zusterschap! In 1789, het jaar van de Revolutie, werd de eerste Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger bekendgemaakt. Zo werden vrouwen geïnspireerd om ook op te komen voor hun rechten. Andere emancipatiebewegingen zoals het abolitionisme (voor de afschaffing van de slavernij) en de democratische bewegingen (tegen één vorst met absolute macht) vormden de omstandigheden waarin de feministische beweging werd gevormd. 

Eén van de grondleggers van het feminisme is de eerder genoemde Mary Wollstonecraft. In 1792 publiceerde de Britse feministe haar boek Pleidooi voor de rechten van de vrouw. Natuurlijk was dit niet het eerste moment in de geschiedenis waarop iemand opperde dat vrouwen evenwaardige levende wezens zijn. Maar het was het begin van de eerste Westerse politieke beweging met als doel vrouwen gelijke rechten te brengen. Een beweging die weerklank vond tot in Nederland.

De eerste golf: 1848 tot 1920

De eerste golf draaide voornamelijk om het vrouwenkiesrecht, oftewel suffrage. De suffragettes streden aan het einde van de negentiende eeuw voor het recht om te stemmen en voor de toelating van vrouwen tot het hogere onderwijs. Ook vochten vrouwen voor eigendomsrechten.

Deze golf was in de VS heel sterk verbonden met het abolitionisme. In 1848 vond de Seneca Falls Convention plaats in een kerk in New York, waar bijna tweehonderd vrouwen samenkwamen om hun rechten te bespreken en resoluties voor te stellen. Deze bijeenkomst was georganiseerd door Lucretia Mott and Elizabeth Cady Stanton, twee actieve abolitionisten, weliswaar witte vrouwen. Maar vele Afro-Amerikaanse vrouwen zoals Sojourner Truth, Maria Stewart en Frances E.W. Harper leidden de suffrage beweging.

Toch richtte de vrouwenbeweging haar aandacht uiteindelijk enkel op witte vrouwen. De animo werd zelfs aangewakkerd door racistische ideeën. In 1870 kregen zwarte mannen het stemrecht in Amerika. Verschillende vrouwen meenden toen dat als zelfs bevrijde slaven mochten stemmen, zij ook dat recht verdienden.

In Nederland ging de opkomst van het feminisme ook hand in hand met het vechten voor stemrecht en toegang tot scholing. In 1871 was Aletta Jacobs de eerste vrouw die naar de universiteit mocht, in Groningen. De enige die haar voorging was Anna Maria van Schurman in de 17e eeuw. Aletta Jacobs werd uiteindelijk de eerste vrouwelijke arts en was een prominent figuur in de beweging voor het kiesrecht.  Samen met Wilhelmina Drucker richtte ze de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht op.

Nederlandse vrouwen moesten echter wachten tot 1919 om te kunnen stemmen. Drie jaar later vond de eerste stembusgang daadwerkelijk plaats. Ook in veel andere landen kregen vrouwen tijdens of kort na de Eerste Wereldoorlog kiesrecht. Vrouwen namen tijdens de oorlog het werk van mannen over in fabrieken en in de landbouw, omdat de mannen gingen vechten. Zo werd het stemrecht voor vrouwen als een meer vanzelfsprekende eis gezien.

De tweede golf: de jaren zestig tot de jaren tachtig

De tweede feministische golf begon in de jaren zestig. De beweging kreeg deels weer aandacht omdat bepaalde verwachtingen over het leven als vrouw na de oorlog niet waren waargemaakt. Belangrijke literatuur was The Second Sex (origineel Le Deuxième Sexe) van de Franse Simone de Beauvoir in 1949. Het boek The Feminine Mystique (1963) van Betty Friedan zorgde internationaal voor de meeste ophef. Zij schreef dat vrouwen die ongelukkig waren met hun toegewezen plek achter het fornuis, niet gek of gebroken waren, maar dat er systematisch een probleem was. Deze ideeën circuleerden al eerder tussen academici, maar bereikten met dit boek nu ook alle huisvrouwen! Friedan gaf hen permissie om boos te zijn over systematisch seksisme en sociale ongelijkheid. Vrouwen wilden niet langer enkel thuis blijven, maar op andere manieren deelnemen aan de maatschappij.

Zo pleitten de feministen van de tweede golf voor een herverdeling van de huishoudelijke taken en wilden ze zelf meer gaan werken. Economische gelijkheid werd aan de kaak gesteld. Daarnaast werd er gestreden tegen seksueel geweld en voor de reproductieve rechten van vrouwen. Vrouwen wilden zelf kunnen beslissen of ze kinderen wilden al dan niet, onder welke omstandigheden, welke voorbehoedsmiddelen ze wilden gebruiken … Ze wilden dus ook recht op abortus.

Gelijklopend met de Amerikaanse tweede golf werd in Nederland het feminisme van het stembureau naar het dagelijks leven gebracht. Er werd gevochten voor sociale en seksuele gelijkheid voor de vrouw. In 1956 werd een wetswijziging ingevoerd die getrouwde vrouwen in Nederland in staat stelde om zelfstandig overeenkomsten af te sluiten. Tot voordien werden ze voor de wet als ‘handelingsonbekwaam’ gezien. Deze wetswijziging hebben we mede te danken aan Corry Tendeloo. Zij stapte het jaar voordien naar de Tweede Kamer met als doel het arbeidsverbod voor gehuwde vrouwen af te schaffen.

De Nederlandse Betty Friedan was Joke Smit, die in 1967 een artikel schreef genaamd ‘Het onbehagen van de vrouw’. Er werden verschillende feministische actiegroepen zoals Dolle Mina gevormd. ‘Baas In Eigen Buik’ was een van de motto’s van die beweging, die onder meer pleitte voor abortusrecht en vrouwelijke vrijheid. Net zoals in Amerika, drong het feminisme ook door tot in de slaapkamer.

De komst van de pil in 1964 in Nederland maakte geboortebeperking een stuk eenvoudiger en stelde vrouwen zo meer in charge over hun reproductie vrijheid. In 1984 zorgde de Wet Afbreking Zwangerschap ervoor dat abortus legaal werd.

Nog twee mijlpalen waren de oprichting van de eerste afdeling vrouwenstudies aan de universiteit van Amsterdam in de jaren zeventig en de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in 1980.

Ten slotte werd deze golf in het algemeen gekenmerkt door een imago van feministen als boze mannenhaters en door een afkeer van pornografie. Porno zou namelijk vrouwonvriendelijk zijn en mannen aanzetten tot verkrachting. Dit legde de fundering voor de positie van de derde golf.

De derde golf: de jaren negentig tot de jaren 2000

De derde golf begon in de jaren negentig als backlash tegen de anti-seks houding en het privilegiëren van witte, hetero vrouwen in de tweede golf. Intersectionalisme werd geboren: de term werd gevormd door Kimberlé Crenshaw in 1989 en gaf de toon aan voor deze derde golf. Er werd aandacht gevraagd voor trans rights en een link gelegd met de anti-racisme bewegingen. Tevens stond de derde golf in het kader van seks positiviteit.

In 1990 schreef Judith Butler Gender Trouble, waarin ze stelde dat er een verschil is tussen sekse en gender. Sekse is de biologische term, gender is performatief en sociaal geconstrueerd. Dit deed behoorlijk wat stof opwaaien!

De derde golf wil erkennen dat bepaalde dingen die onderdeel uitmaken van de patriarchie, ook leuk kunnen zijn. Denk aan pornografie en hoe vrouwen zich mooi maken. Voor deze feministen was het nutteloos om individuele vrouwen te straffen voor dingen die hen goed deden voelen. Vrouwen moesten de vrijheid krijgen om te spelen met hoe ze zichzelf wilden uiten. Feministen zag je nu ook met lippenstift op en hakken aan. Meisjesachtigheid en een sexy uiterlijk was niet langer minderwaardig aan het androgyne ideaal van de tweede golf, en er werd zelfs gesteld dat een afwijzing van alle meisjesachtige dingen misogynistisch was. Vrouwelijkheid werd opnieuw omarmd.

Internationaal gezien ging de derde golf een beetje overal en nergens naartoe. Er was geen sterk centraal doel of een belangrijke wetsverandering, zoals bij de vorige golven. In Nederland kwam er in 1994 wel de Wet Gelijke Behandeling en in 2001 werd het homohuwelijk gelegaliseerd.

Toch is er nog veel werk voor de boeg. In Nederland hebben we op vlak van vrouwenemancipatie al enorme stappen gezet, en zullen sommigen zeggen dat we niet te klagen hebben. Als vrouw en femme ondervinden we echter nog dagelijks micro-agressies en blijven we eraan herinnerd worden dat we in a man’s world leven. Daarnaast (thank you intersectionalisme) weten we dat wij niet vrij zijn, zolang andere vrouwen en femmes, overal ter wereld, niet vrij zijn. Dit brengt ons naar de vierde golf!

De vierde golf: die komt nu!

Volgens sommigen bevinden we ons nog steeds in de derde golf. #metoo wordt vaak hieraan toegewezen. Anderen vinden dat #metoo deel is van de vierde golf. Een golf die opnieuw een duidelijker doel heeft, namelijk: mannen moeten verantwoordelijk gehouden worden voor hun gedrag, en de systemen die het misbruik van mannen toelaten, moeten aangesproken worden.

Deze digitaal gedreven golf vindt voor een groot deel online plaats. Het is een queer, seks positieve, trans inclusieve en body positive golf. Intersectionaliteit kenmerkt dus ook deze golf. Wit, hoogopgeleid feminisme begint meer en meer plaats te maken voor een anti-racistische, anti-classist, anti-ableist en anti-fatphobic beweging. De derde golf, maar dan verder ontwikkeld… Verder manifesteert deze beweging zich in marches over de hele wereld. Vechtend tegen slut shaming worden er bijvoorbeeld slut marches georganiseerd.

De vierde golf feministen beseft dat gender stereotypes, zeker de toxic masculinity varianten, ons allemaal schade toebrengen, dus ook de mannen. Daarom worden de hokjes man/vrouw nog verder in vraag gesteld. Dat uit zich ook in de openbare voorzieningen: er zijn nu op meerdere plekken genderneutrale toiletten. Daarnaast wordt onze manier van liefhebben en leven in vraag gesteld: zo wordt polyamorie steeds meer ontdekt.

Dankzij het internet en social media zitten Nederlandse feministen tamelijk op dezelfde golflengte met de rest van de wereld. Het is makkelijker geworden om op de hoogte te zijn van wat er overal gebeurt en we volgen de ideeën van educators aan de andere kant van de oceaan. Online kunnen we veel gelijkgestemden vinden. Daarnaast zijn er meer en meer feministische platforms van eigen bodem, zoals Mama Cash, The Titty Mag, WOMEN Inc., podcast DAMN, HONEY en natuurlijk Vrouwengereedschap!

Bewustwording

De critici stellen dat feministen heden ten dage te veel bezig zijn op een individualistisch level in plaats van voor grotere, structurele veranderingen te vechten. Ik denk persoonlijk dat bewustwording toch de eerste stap is richting het ontmantelen van het patriarchaat. Het eeuwenoude ‘begin bij jezelf’ werkt ook voor feminisme. Je kan kijken hoe jij met discriminatie en ongelijkheid omgaat in je eigen leven, je privileges onder de loep nemen. Zo verandert de manier waarop je anderen behandelt. Daarnaast moedigt deze golf ons nog meer aan tot empowerment en het onszelf opnieuw toe-eigenen van onze kracht als vrouwen en femmes. Vanuit zo’n levenshouding kan je gaan handelen en uiteindelijk je aandacht op grotere, structurele veranderingen richten.

In Nederland leidde die bewustwording tot de campagne #zeghet, om het zwijgen over seksueel geweld te doorbreken. Vrouwen deelden hun ervaringen, en zo werden er Kamervragen gesteld over de procedure van aangifte doen van seksueel geweld. Die procedure is uiteindelijk aangepast. Een mooi voorbeeld van de kracht van bewustwording, ook al hadden de bedenkers van de campagne een wetsverandering niet per se als insteek.

We vinden we meer voorbeelden in ons land van woorden die tot daden transformeren. Zo was er de Wildplasactie uit 2017 van Geerte Piening. In hetzelfde jaar kwam er het eerste verbod op straatintimidatie in Nederland, intussen verboden in Rotterdam en Amsterdam. Dit dankzij Stichting Stop Straatintimidatie. En abortusbuddy’s, een initiatief van De Bovengrondse, begeleiden vrouwen naar de abortuskliniek zodat ze niet worden lastiggevallen door demonstranten.

Leren uit onze geschiedenis

Tegenwoordig wordt er gezegd dat we veelvuldige feminisms hebben, die allemaal samen kunnen bestaan. Er is ruimte voor een veelheid aan ideeën, zolang we elkaar blijven respecteren. Dan is het juist een troef dat we allemaal met onze eigen bril naar gelijkheid kijken.

Kritisch moet die bril sowieso zijn. Zo kunnen we onszelf eraan herinneren altijd vragen te blijven stellen, over de motieven van feminisme en hoe die zich manifesteren. In Nederland bijvoorbeeld krijgen we nu te maken met racisme vermomd als ‘feminisme’ door Geert Wilders en zijn aanhang. Zij beweren dat de emancipatie van Nederlandse vrouwen en LGBTI+ mensen bedreigd wordt door bepaalde minderheden en hun geloof. Terwijl we dondersgoed weten dat zulke mensen de patriarchie hier maar wat graag in stand houden.

Dat feminisme de dienstmeid van (extreem) rechts kan zijn, zagen we al eerder in de geschiedenis. Zo werden de ideeën van feminisme eind achttiende eeuw al misbruikt om kolonialisme te verantwoorden en verdedigen. Daarom is het handig af en toe een terugblik te werpen op de geschiedenis: het doet ons nadenken over het heden en de toekomst. Welke valkuilen kunnen we proberen te vermijden? Wat kunnen we dit keer anders aanpakken? Ten slotte, hoe kunnen we al die vrouwen die ervoor hebben gezorgd dat we staan waar we nu staan, eerbetoon bieden?

Share this post

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on email

Over spelling en interpunctie

Vrouwengereedschap wordt onderhouden door vrijwilligers. Naast het bijhouden van deze website en social media kanalen, hebben wij allen ook een full-time baan. Daarom kan het voorkomen dat er hier en daar spellings- of interpunctiefouten in onze tekst staan. En dat vinden wij helemaal niet erg! Zolang onze stukken leesbaar zijn en de boodschap duidelijk is, maken wij ons geen zorgen over een foutje. Hopelijk jij ook niet ;)